Uit eten: Bord’o

Soms heb je van die dagen waarop alles meezit, soms van die dagen waar alles tegen zit en soms zijn het van die dagen waar een ongeluk in een klein hoekje zit. Ik had het druk, vreselijk druk met de universiteit. Ik had het onzalig idee om gewoon de eerste week de werklast te maximaliseren. Waar je normaal 40 uur erin stopt per week was ik nu eigenlijk alleen gestopt voor noodzakelijke dingen zoals slapen, eten en heen en weer reizen. Presenteren van een artikel houdt in dat je eerst het artikel uitvoerig leest, herleest, nog eens herleest en dan eigenlijk in je eigen woorden bijna herschrijft. En dan komt het kritisch analyseren, waarbij je niet naar de inhoud van de tekst kijkt, maar erboven gaat staan. Al met al was ik blij dat ik dit alleen hoefde te doen, we waren een groepje van drie. Veel overleg kon digitaal, maar toch hadden we die week twee keer een vergaderruimte met smartboard gereserveerd voor gemeenschappelijk overleg. Zo ook deze dag en het ging ontzettend soepeltjes. De teksten waren geschreven, de rolverdeling was duidelijk en we hadden net een vruchtbaar overleg gehad en zo de visuele ondersteuning van de presentatie gemaakt. Volledig in mijn nopjes wandelde ik richting het station en nam contact op met mijn lief. Die meldde mij ietwat gefrustreerd dat er onduidelijkheid op het spoor was en hij niet zeker wist of hij makkelijk thuis ging komen en hij vroeg mij of ik wel makkelijk thuis ging komen. Dapper als ik was zei ik dat ik dacht van wel. Maar eenmaal op het station was het oordeel hard: geen treinen tot nader order richting Rotterdam. Dat was nou jammer, dat was mijn richting. Geen snel oog op verbetering op korte termijn en ik besloot mijn vader te bellen. Hij en zijn vrouw wonen precies de andere kant op en dan zou ik op z’n minst even een hapje mee kunnen eten voor ik maar queeste naar huis begon. Mijn vader meldde dat ze net voor het station stonden op een (eenvoudig!) hapje buiten de deur te gaan eten, ik mocht zo mee als ik wilde. Ik pleegde overleg met mijn lief en besloot op het aanbod in te gaan. En zo kwamen we uit bij Bistro Bord’o alwaar ze een reservering voor twee met gemak om konden zetten in een voor drie.

Eenvoudig zei hij, ik geloof dat onze definities een beetje uit elkaar liggen. Je kreeg inderdaad een bistro-gevoel van dit knusse tentje.  Maar een blik op de kaart verzekerde mij, dit was niet eenvoudig.  Het begon al met het kiezen van een voorgerecht, eendenlever of coquilles. Allebei hoog op mijn favorietenlijstje. Ik besloot voor de eendenlever te gaan. Ei, pastinaak, eendenlever, wintertruffel, Parmezaan en dat alles geserveerd in een lief klein mini-creusetje, omdat ik toch vastzat en niet wist hoe laat ik thuis ging komen gunde ik mezelf de luxe dat ik overal de bijpassende wijn ook maar dronk. Hier hoorde een heerlijke witte chardonnay bij, die normaal wat zurig is voor alleen eendenlever, maar door het ei het geheel perfect afmaakte. Voor dit gerechtje kregen we een kleine amuse van het huis: drie bereidingen van bloemkool. Couscous van bloemkool, een creme en een schuim van bloemkool met een kerriekoekje erbij. (Over de foto’s. Murphy’s law was vandaag erg van toepassing, niet alleen kon ik niet thuiskomen. De batterij van mijn telefoon was ook rijkelijk overleden. Niet mijn gebruikelijke kwaliteitsfoto’s dus, want deze zijn met de oude telefoon van mijn paps gemaakt)

Voor het hoofdgerecht gold dat ik (en mijn vader, het was een gerecht voor twee personen) mijn keuze heb laten leiden door de wijn. Een Saint Emilion Grand Cru, oef ja daar heb ik dus echt een zwak voor. Het was ooit de allereerste rode wijn die ik dronk (ehm ja, ik ben verder geen luxe-paardje hoor 😉 ) Maar wat begeleidde de wijn? Nou een heel stoer stuk vlees: Irish dry aged Black Angus côte de boeuf. Met aardappel gratin en Bordelaise saus.

Het vlees was werkelijk heerlijk, bereiding tot in de perfectie. Naast de aardappel gratin lag ook een soort toastje met tomatensalsa en gekarameliseerde ui, erg vol van smaak. Hoe de Bordelaise saus was weet ik eerlijk gezegd niet meer, ik ben eigenlijk geen sausmens bij mijn vlees, alsof je de smaak van het vlees aan het maskeren bent. Dat is natuurlijk niet zo, en dit is geheel persoonlijk. Mijn vader genoot in ieder geval ruim van de saus dus hij zal best erg smakelijk zijn geweest.

En dan toetjestijd! Toetjes, de plek om echt creatief te worden zoals ik al eerder zei. Ze hadden buiten de kaart op een dessert dat me buitengewoon nieuwsgierig had gemaakt. Al voor ik de kaart had gezien en al mijn andere gerechten had gekozen, wist ik al dat ik met dit gerecht zou gaan eindigen. Trekdrop van pure chocolade, met chocolade-balsamico ijs en creme van viooltjes met gesuikerde viooltjes erop. Om het af te maken passievruchten sausdruppels. Wat een prachtig plaatje werd het. Niet geheel onbelangrijk ook bijzonder lekker van smaak. Het ijs was heerlijk, de combinatie met balsamico was verrassend fris. De chocolade had daadwerkelijk de structuur en het mondgevoel van trekdrop, maar het smaakte toch echt naar hele goede pure chocolade. Hier werd ik dus wel echt heel blij van, de zwaarte van de chocola en het frisse van de creme en sausjes. (Ik laat even mijn commentaar over het gebruik van bladgoud ter decoratie van je eten terzijde, anders wordt deze log nog veel langer dan ik van plan was.

Om toch nog even terug te komen op de reden van dit etentje, tegen de tijd dat we klaar waren met tafelen, was het probleem met de treinen nog steeds niet opgelost. Maar gelukkig ben ik na een reis om de wereld toch thuisgekomen, alwaar een man me opwachtte met een dikke knuffel en een warme kop thee. En dat maakte de reis helemaal de moeite waard.

 

Delen is lief!

One Comment

  1. Gerald

    Ik kon “gelukkig” wel nog thuiskomen en heb paella van een paar dagen eerder opgewarmd 😛

Comments are closed.